Het gaat goed met de ijsbeer. Vrijwel alle populaties zijn stabiel of zelfs groeiende. Met naar schatting 26.000 ijsberen is de populatie vele malen groter dan die was in de jaren zeventig toen door de jacht op zowel de ijsbeer als de zeehond het aantal dramatisch was afgenomen tot enkele duizenden exemplaren. De Canadese zoöloog Susan Crockford is met haar blog https://polarbearscience.com/ een van de meest zichtbare stemmen in de blogosfeer die het goede nieuws over de ijsbeer een stem geeft.
Dat heeft ze geweten. Vorig jaar werd Crockford met een absurde wetenschappelijke paper (door een grotendeels uit Nederlandse wetenschappers bestaand team) bekritiseerd als een klimaatontkenner die via blogs twijfel probeert te zaaien over de ernst van klimaatverandering. Haar belangrijkste paper werd echter niet genoemd in dit artikel. In die paper beschrijft zij namelijk dat de afname van zeeijs in de zomer (die Crockford niet ontkent) in de afgelopen tien jaar niet heeft geleid tot een afname van ijsberen.

Kinderboek
Crockford schreef een kinderboek dat ik voor haar vertaalde en naar aanleiding daarvan werd ze uitgebreid geïnterviewd door De Telegraaf. Die kopte op de voorpagina: Het gaat (ijs)beregoed.
NRC besloot daarop een factcheck te plaatsen met als titel “NRC checkt: ‘Het gaat goed met de ijsbeer’.” En u raadt het al, zij slagen erin de opmerking dat het goed gaat met de ijsbeer af te doen als ‘onwaar’. NRC verwijst onder andere naar een paper in Science die slechts gebaseerd was op negen onderzochte ijsberen. Crockford reageerde destijds uitgebreid en kritisch op deze paper.
Samen met Crockford stelden we een reactie op maar deze is niet geplaatst in de brievenrubriek voor zover ik heb kunnen nagaan. Hieronder volgt eerst de brief die we naar NRC stuurden en daaronder de wat langere Engelstalige reactie van Crockford.

Brief naar NRC

IJsberen

In NRC checkt: ‘Het gaat goed met de ijsbeer’ betitelt journalist Gemma Venhuizen deze uitspraak van Susan Crockford in De Telegraaf als ‘onwaar’. Wij zijn hier zeer verbaasd over. Ondanks minder zeeijs in de afgelopen jaren zijn de meeste populaties stabiel of zelfs groeiende.

Als bewijs voerde Venhuizen een aantal papers op over ijsberen maar niet de paper van Crockford zelf (Crockford 2017, doi: 10.7287/peerj.preprints.2737v3), waarin zij uitlegt hoe zij tot haar positieve conclusie is gekomen.

Venhuizen noemt een studie uit Science, die gaat over ijsberen in de Beaufortzee. Maar in haar paper legt Crockford uit dat deze zee vrij unieke zeeijs karakteristieken heeft, waarbij juist strenge winters (en niet een gebrek aan zomerijs) met negatief kan uitpakken voor ijsberen. Uit onderzoek blijkt tevens dat het goed gaat met ijsberen in de Tsjoektsjenzee en ook het aantal ijsberen rond Spitsbergen stijgt ondanks een flinke afname van zeeijs in de zomer.

Voorspellingen voor een afname in de toekomst is geen bewijs dat er al iets ernstigs aan de hand is met ijsberen. Alle criteria voor natuurbehoud wijzen erop dat de soort het goed maakt.

Susan J. Crockford en Marcel Crok

Engelstalige reactie van Crockford:

Recently, the newspaper NRC attempted a “fact check” of an interview with me about polar bears published in De Telegraaf 19 November 2018. The fact checkers determined that my professional conclusion that polar bears are currently doing fine, is “untrue,” stating that “the polar bear is not on the verge of immediate extinction, but things are certainly not going well for the species.”

As evidence for their conclusion, the fact checkers consulted a few recent published polar bear papers but not the scientific paper written by me that explains why I came to this conclusion. The paper is freely available online: only an existing bias would explain why they did not consult it (Crockford 2017, doi: 10.7287/peerj.preprints.2737v3).

The fact checkers were therefore unaware that I came to my conclusion after consulting almost 60 years worth of polar bear literature, not just recent papers. In addition, they made the mistake many people do: they confuse predictions of a future decline with evidence that something dire has already happened.

The fact checkers discussed one piece of recent literature to support their claim: a 2018 paper from the journal Science, about Southern Beaufort Sea polar bears. However, as I explain in my paper, this region is unique in its sea ice characteristics and is not suitable as a proxy for other polar bear habitats.

In contrast to the Southern Beaufort polar bears, papers by USGS biologists and their colleagues show Chukchi Sea polar bears are doing well despite over 10 years of low summer sea ice. And according to Norwegian biologists, a recently recorded increase in polar bear numbers around Svalbard is expected to continue despite the greatest loss of summer sea ice in the entire Arctic.

There are a few polar bear populations that have recently experienced a non-statistically significant decline in numbers that may reflect unsuitable conditions over the winter rather than lack of ice in summer. Regardless, these slight declines have been offset by increases elsewhere.

Overall, the evidence shows that despite overly pessimistic prophesies about the future of the polar bear, the species is doing well by all conservation standards.